Schrijver
Ton Hoenderdos
Kleinkunstenaar ~ Verteller
Ton achter de vleugel
mail ~ of bel ~ 06 3037 2193
tekst ~ lied ~ muziek ~ verhaal...
Ik schrijf en treed op.
Filmpje van de Week
Ode aan Wieteke van Dort / tante Lien, samen met Mark Metselaar
Wieteke met tante Lien
Wieteke van Dort ~ tante Lien is goed bevriend met Mark Metselaar. Bij haar optreden in Velserduin wordt zij verrast met een Ode aan haar van Mark en mij.
Ode aan Wieteke van Dort ~tante Lien, van Mark Metselaar en Ton Hoenderdos
Theater Voorstelling
en meer...
Liedjes en zo
Contact

Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Waar zij verschijnt, daar is vrolijkheid, iedereen is blij. Adoe, zo leuk - Ach, wat een leut, lieve luitjes, kom erbij. Schuif maar fijn aan, ja. Blijf toch niet staan, ja. Zij vertelt vol passie graag, voor jou, voor U, voor mij. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Mooi Indië, dat betovert je, gordel van Smaragd. Kom, kijk en zie, voel de mystiek, sterrenhemel, Javanacht. Zij neemt je mee, ja. Wat een idee, ja. Soerabaja kind bedankt, dat jij dit moois ons bracht. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar. Zo senang in Oebele is Hupsakee, met haar zo Falderalderiere. Een windje in de Stratenmaker op Zee show, lieve luitjes, lachen, gieren. Ruim 40 jaren terug nu en meteen een grote hit. Zo beeldig op tv haar Late Late Lien Show met Indisch pit. Die warme band met ons Kikkerland, land van Ot en Sien, houdt zij vertrouwd voor jong en oud, en zo geestig bovendien. Indische cultuur, ja. brengt zij heel puur, ja. Zo kassian als dat verdwijnt, dus banyak tjioem, tjioem Lien. Wieteke met tante Lien, die is hier weer gezellig op visite. Zo fijn zoals ze ons wil laten zien, hoe je ook van kleine dingen kan genieten. Cultuur van hier en daar, zij brengt alles bij elkaar. Land van de regen, land van de zon, smelten samen in dat lieve hart van haar.

 

Domweg gelukkig
in mooi Bloemendaal
Lied-Voorstelling (2013/2014)
Een schildering in lied, beeld en verhaal
geïnspireerd op Bloemendaal
en haar inwoners èn inwoonsters.
Liedvertelling 'Domweg gelukkig in Mooi Bloemendaal

Vrolijk nummer uit deze voorstelling:

Ode aan de Witte Wijn
Typisch Bloemendaalse bron
van troost....
(lied start op 0:30)
Ode aan de Witte Wijn, uit Liedvertelling 'Domweg gelukkig in Mooi Bloemendaal
Heb nog even geduld
asjeblieft!

Verwacht voor 2016:

Blind Date

Wachten bij het Meeting-Point

Een vrolijke, ontroerende, tragi-komische
Lied-Vertelling over daten, relaties
en (verloren) liefde.

Voorproefjes en meer info
volgen binnenkort.

De stad staat bol van drukke stenen straten, met veel te veel en eindeloos verkeer. Zo dapper is men altijd in de weer vol haast en spoed, dat niemand daar kan laten. Maar hier? Hier hoor ik schaapjes vredig blaten. De Hertenkamp, oase van weleer. Vanaf het Kopje kijk ik erop neer, dat bankje waar we net nog lekker zaten. Heerlijk de rust van de duinen vlakbij. De zee is zo al eeuwen teruggedreven. Nu zijn er lanen, waar ik graag verdwaal. Zonnig trekt de dag slenterend voorbij. Het leven weet hier nèt iets meer te geven. Domweg gelukkig, in mooi Bloemendaal. Wijn, wijn, witte wijn, hemels geschenk, ’s morgens, ’s middags, ’s avonds, ‘k geloof dat ik er ’s nachts nog aan denk. Het komt altijd gelegen, het is echt een zegen, als heerlijk koel aperitiefje, bij een dinertje met je liefje. Pinot Blanc en Sauvignon, zo heerlijk fris. Vinho Verde klinkt wat groen, toch fijn dat ’t er is. Aan de rand van ’t zwembad, heeft Rueda toch ook wel wat. En wat dacht je van een Prosecco? Het ontbijt bubbelt dan te gek! Oh… Een zonnig terras, bedauwd koel glas, witte wijn, die fris droog mag zijn. Het tintelt en prikkelt je smaakpapillen. Ze lijken te juichen nooit anders te willen. Chardonnay, dan ruik je tropisch fruit van abrikoos, dat frisse, ’t springt eruit. Die subtiele tonen van geroosterd brood en noten. Een lunch met een fijn gerookt visje en geen Chardonnay, nou dan mis je… een zonnig terras, bedauwd koel glas, witte wijn, die fris droog mag zijn. Het tintelt en prikkelt je smaakpapillen. Ze lijken te juichen nooit anders te willen. Wijn, wijn, witte wijn, die hemelse drank, Ambrozijn, waarvoor ik nooit bedank. Aan het strand bij Vooges, als het zonnig, warm en droog is. Ja chill en geniet er dan van je oesters met champagne… een zonnig terras, bedauwd koel glas, witte wijn, die fris droog mag zijn. Het tintelt en prikkelt, smaakt goddelijk goed, dus neem een wit wijntje en voel wat ’t doet. De ochtend, het gloren, het krieken van de dag. Het Bos draagt nog sporen van winter, ach ik zag hoe vrieskou de wereld hier even stil deed staan. Nu zie ik de zon weer lachend aan. Hij schenkt ons, en brengt ons, nieuw leven overal. De Vogelmelk en Aronskelk, ze zeggen, oh ’t zal lente zijn, prachtig bloeiend, langer licht, wat fijn… in ’t Bos, hèt Bos, het Bloemendaalse Bos, gewoon een beetje dromen, met m’n hond lekker los. Of je praat er eens wat, over niks of dit en dat. De bloesem, die schoonheid, maakt plaats voor dieper groen. De zomer biedt vrijheid, je kan nu zoveel doen. En als in de middag, de hitte echt begint, weet ik waar ik frisse koelte vind… in ’t Bos, hèt Bos, het Bloemendaalse Bos, gewoon een beetje dromen, met m’n hond lekker los. Of je praat er eens wat, over niks of dit en dat. Kinderspel, vrolijk geren… Man op een bank, die ik vaag ken… Tussen wat troep, zit een groep, hangjeugd bij elkaar. Een ouder stel, ziet ’t wel, maar denkt laat ook maar. En kijk - ach - wat een schat, een puppy donzig zacht… in ’t Bos, hèt Bos, het Bloemendaalse Bos, gewoon een beetje dromen, met m’n hond lekker los. Of je praat er eens wat, over niks of dit en dat. De herfst komt, in vlagen, in tinten rood, geel, goud. Zo korten de dagen, je wordt vanzelf oud. Een eekhoorn, daar zweeft ie, heel vrij van tak tot tak, zie ik door een dunnend bladerdak. Dat burlen, klinkt krachtig, maar is nu weer verstomd. Ik mijmer bij de Hertenkamp, wat was en is en komt. Dageraad, die na avondrood en nacht ontstaat… in ’t Bos, hèt Bos, het Bloemendaalse Bos, gewoon een beetje dromen, met m’n hond lekker los. Alles ademt hier rust, bron van troost en levenslust. Wat een kabaal, net nu ik sliep. Dank allemaal. Hieper de piep. Stomme geblèr, kindergegil. Toe nou au pair, hou ze eens stil. Gister souper, laat bij Châpeau. Goed, ik ging mee, maar ’t sloopt me zo. Lastig, lastig, lastig allemaal. Sociaal doen is vol stress, ja echt ontzettend druk. Lastig, lastig, lastig allemaal. Okay, ik heb succes, maar dat is geen geluk. Ik snak naar wat energie, maar straks heb ik weer schilderles, nee weet je, ik bel mijn PT en trek ‘m in het duin. Of ik app zo Valérie en drink met haar een mooie fles Pinot of zo, een wijnorgie, fijn achter in de tuin. Oh ja, Chantal, moet ik ook heen. Want kijk, zo’n wal, zie je meteen. Lastig, lastig, lastig allemaal. Sociaal doen is vol stress, ja echt ontzettend druk. Lastig, lastig, lastig allemaal. Okay, ik heb succes, maar dat is geen geluk. Soms droom ik van de visboer met z’n strakke, stoere lijf. Dat geld doet mij geen ene moer: ik word gewoon zijn wijf. Al raak ik aan de bedelstaf en eet ik kibbeling: Hij veegt zijn vette handen af aan mij, zijn lekker ding. Laat ‘m, laat ‘m, laat ’m lekker gaan. Van mij mag hij zo komen en gaat ie fijn z’n gang. Laat ‘m, laat ‘m, laat ’m lekker gaan. Maar dromen blijven dromen, ik vrees m’n levenlang. Zondag weer boot, dag op ’t Wad, ’t wordt nog m’n dood, ben ’t zo zat. Haventje hier, haventje daar, wat een plezier, leuk, zwaaien maar. Schiet ‘m toch lek, met hem erbij. Zíín grote bek is dan voorbij. Lastig, lastig, lastig allemaal. Rot op op met zijn succes, ’t helpt geen ene ruk. Lastig, lastig, lastig allemaal. Doe mij maar weer een fles en schenk nog wat geluk. Stel: je houdt van een leuke meid en zij geeft ook om jou. Stel: je trouwt na verloop van tijd, waarbij je zeggen zou: ‘Ja, ik wil beloven, ja U kunt me geloven, ik blijf steeds haar toeverlaat, levenslang heel trouw.’ Stel: ontbijt met een kopje thee, al zoveel duizend keer. Stel: je glijdt ongemerkt steeds mee, in zo’n zelfde sfeer. Kan ze van je grappen, steeds de clou verklappen? Ken je al haar kwaaltjes al? Wat heeft zij nu weer? Sjakkadu, Sjakkadu, alle dagen dat gedoe, zo’n gedoe. Wordt er niemand nooit ‘ns moe, oh zo moe. Toe, vertel ’t maar, ja geef ’t maar toe. Nee, ’t valt beslist niet mee. Stel: je moet wel tevreden zijn, maar ben je dat ook echt? Stel: het doet haast een beetje pijn, als iemand jou dan zegt: ‘Heerlijk zonder zorgen, naar de dag van morgen. Man, jij hebt ’t voor mekaar!’, dat menen ze oprecht. Sjakkadu, Sjakkadu, alle dagen dat gedoe, zo’n gedoe. Wordt er niemand nooit ‘ns moe, oh zo moe. Toe, vertel ’t maar, ja geef ’t maar toe. Sjakkadu, Sjakkadee, Je hobbelt een vrolijk end mee. Een baan en een auto, een vriendenkring, je lieveling heeft elke morgen thee, thee, thee, thee, thee… Jaren gaan in een zucht voorbij, de toekomst is er zo. Haar ken je haast niet terug, ze krijgt de ouderdom cadeau. Moet je dan berusten? Lippen die je kusten, krakelig en uitgedroogd. Je staat in dubio. Sjakkadu, Sjakkadu, alle dagen dat gedoe, zo’n gedoe. Wordt er niemand nooit ‘ns moe, oh zo moe. Toe, vertel ’t maar, ja geef ’t maar toe. Sjakkadu, Sjakkadee, ’t Lijkt een waanzinnig idee. Daar zit je dan samen grijs, hoogbejaard, genoeg gespaard voor alle dagen thee, thee, thee, thee, thee… Sjakkadu, Sjakkadee… Wat moet je nou? Wat kan je beginnen?, als oudere vrouw, die jeugdig en jong is van binnen, maar rimpelig oogt. Een huid die verdroogt. Oh jee! Heb je de pest aan cellulitis? En ook van de rest weet jij dat dit momenteel niet is waar hij naar verlangt. Je wordt afgedankt. Oh nee! Lieve leuke vrouwen, leg je d’r nooit bij neer. Maar laat je fijn verbouwen, al doet ’t even zeer. Ja echt, je wordt vervangen, als alles zo gaat hangen. Wat kan er veel. Het lijkt wel getover met elk lichaamsdeel. Ja, ga voor een Mommy Make-Over en hatsekidee, een decolleté, zo vol! Maak je maar strak en let op je partner. Die gaat uit z’n dak. Hij lacht weer en smacht weer wat harder naar jou, naar je kus. Ja gun jezelf dus die lol! Lieve leuke vrouwen, leg je d’r nooit bij neer. Maar laat je fijn verbouwen, al doet ’t wel wat zeer. Ja, staat je broek op knappen? Laat dan wat vet aftappen. Start maar gauw, pak een spuit, prik je rimpels plat. Geef je voorhoofd maar een lift. Voel je vrouw, buit ’t uit, je verdient ‘t schat. Zie je schoonheid als een gift. Lieve leuke vrouwen, leg je d’r nooit bij neer. Maar laat je fijn verbouwen, al doet ’t soms wel zeer. Wat koop je nou voor wallen, als die je looks verknallen? Rijpere vrouw, laat het niet gebeuren, dat jij straks heel flauw, op feestjes vervelend gaat zeuren, dat niets je meer staat. Dus mijn goede raad voor jou… en jou, en jou…. Lieve leuke vrouwen, leg je d’r nooit bij neer. Maar laat je fijn verbouwen, al doet ’t nog zo zeer. Nee, laat de boel niet lopen. Je moet jezelf verkopen. Lieve leuke vrouwen, leg je d’r nooit bij neer. Maar laat je fijn verbouwen, al doet ’t soms wel zeer. Nee, laat je nooit verlopen, want dat ga jij bekopen. Fietsend door de straat, waar ik geboren ben, zwaait een ouwe maat, die vraagt of ik hem nog ken. Nou hij is flink veranderd, ja kaler en dikker en grijs. Toen, in die jaren,bracht niks ‘m van de wijs. Scheuren op z’n Puch, die minstens zestig reed. Toepen in de kroeg. Vriendinnen - man - bij de vleet. Zijn Puch is uitgereden, die meiden zijn tijden voorbij. Toch, dat verleden, het lijkt nog zo dichtbij… in de stad van mijn dromen, waar ik steeds weer blijf komen. Ik proef de sfeer, die doet me altijd wat. Nee het gaat niet vervelen, als Damiaatjes spelen. Het hart, het klopt, in die mooie… Fietsend door de tijd als kind van deze stad. Nee, ik voel geen spijt, ‘t had en heeft toch wel wat. Neem nou die Kleine Houtstraat, daar moest je ’s avonds naar toe. Stappen tot heel laat, en ’s morgens dan doodmoe… in de stad van mijn dromen, waar ik steeds weer blijf komen. Ik proef de sfeer, die doet me altijd wat. Nee het gaat niet vervelen, als Damiaatjes spelen. Het hart, het klopt, in die mooie… Het Spaarne voert mij terug, traag stromend. De Gravenstenenbrug afkomend, voel ik iets van eeuwigheid. Dit was, dit is, dit blijft altijd de stad van mijn dromen, waar ik steeds weer blijf komen. Ik proef de sfeer, die doet me altijd wat. Nee het gaat niet vervelen, als Damiaatjes spelen. Het hart, het klopt, in die mooie… ...stad! Wat had je nou gedacht schat? Ik weet wat jou hier bracht schat. Ik snap heus wel wat voor jou telt, dat ben ik niet, dat is mijn geld. En tja, dit luxe leven, ik heb ’t je gegeven. Maar mag ik dan ook ietsjes terug, de romantiek verdween te vlug. Die maakt plaats voor zeuren, dat er “iets” moet gebeuren. Ik schiet in ons gezin tekort, zeg jij die meer en meer verdort. Moet ik mijn werk nu minderen, voor uitjes met de kinderen? Zo’n Efteling is niet mijn ding en kapitaalvernietiging. Want één dag beleggen, zal ik jou eens zeggen, wat je daarvoor koopt en zo: veel soupers bij Chapeau, liters Chanel cadeau, dozen Grand Cru Bordeaux. Koop ‘m maar leeg, de stad. Hef ’t glas met me schat, op onze boot op ’t Wad! Tja schat, wat dacht je wat schat? Dat jij niet alles had schat? Alles hier, hier om je heen, dat draait om jou, ja jou alleen. Stuur jij nu aan op scheiden? Lief kind, dat wordt dan lijden. Juridisch sta je niet zo sterk. Wie weet, moet jij dan aan ’t werk. Wat wil jij bereiken? Dat alle mensen kijken? En smoezen: kijk daar heb je Jacques. Z’n wijf is weg, die slappe zak. Lief kind, dit is niet handig. En ook niet zo verstandig. Een leven met een man als ik, kent heel veel pro’s, dus lieverd, slik de schaduwkanten van zoveel contanten. Lief kind, en anders heb je pech, want ik ga toch mijn eigen weg. Wat zou ik moeten, als jij er niet was, wat zou je doen zonder mij? Zou er een ander zijn, waar ik bij pas, wie zou dan wij zijn? Hoe kon je weten, dat iemand als ik, zoveel geluk bij je vindt? Zag in een flits, toen in je blik, de vonk die ons bindt. Jaren zo samen, een dijk van een tijd. Jaren zo samen, met jou voor altijd. Meer dan verliefd, geheel verweven, met al wat je bent en al wat je doet, ja zoveel... 's Morgens de ochtendzon, 's avonds de maan, jij bent mijn ster dag en nacht. Zorgen voor morgen, die kan ik wel aan, als jij naar mij lacht. Kijk naar de toekomst, maar ook weleens terug, koester je kostbare tijd. Soms een moment, al gaat 't vlug, dat raak je nooit kwijt. Jaren zo samen, een dijk van een tijd. Jaren zo samen, met jou voor altijd. Meer dan verliefd, geheel verweven, met al wat je bent en al wat je doet, ja zoveel... Zoveel gelach, zoveel vertier, zoveel dat zomaar gaat, wat aardigheid beleven. Elke dag, dat plezier, dat vanzelf ontstaat, als je d'r bent, jij die me kent, samen zo één, nooit meer alleen, jij hebt me zoveel te geven... Wat zou ik moeten als jij er niet was, wat zou je doen zonder mij? Ik zie je lach, jij houdt me vast en laat me vrij zijn. Jaren zo samen, een dijk van een tijd. Jaren zo samen, met jou voor altijd. Meer dan verliefd, geheel verweven, met al wat je bent en al wat je doet, ja zoveel... met jou… Vanmorgen liep ik door ’t bos, met een oude man te praten. Wat ie zei, maakt zoveel bij me los, maar dàt, had hij niet in de gaten. Voor hem was verleden tijd, zo normaal als wat. Nee zonder spijt, sprak hij over dat, dat wat was geweest, zijn vrouw… Zo vrijuit, sprak hij, van zijn leven toen. Soms crisis, soms ook, best mooie tijd. Z’n dochters vindt hij wel okay, zij het dat ze niet vaak komen. Maar hij leeft, op afstand met ze mee, ook hij, had vroeger zo z’n dromen. Je jaagt die dan achterna, soms met wat succes. Gejuich, hoera, je ontkurkt een fles. Het is even feest, maar dan… Dan is dat, gevoel, toch weer weggeëbd. Wat rest is, onrust, naar iets daarna. Vanmorgen liep ik door ’t bos, met een wijze man te praten. Nee ook hij, liet vroeger vaak niet los, die drang, die kon ook hij niet laten. Maar nee, niet dat dat hem spijt, nu is nu vandaag. Hij neemt z’n tijd, doet zijn dingen graag, vraag ik onbeleefd: wat dan?... Antwoordt hij, kijk zelf, hier dit fijne bos. Dìt is ‘t, gewoon, totaal bevrijd. Tippie Toe komt van de Filipijnen, maar ze vindt hier razendsnel haar weg. Nee, die meid zit heus niet weg te kwijnen. Wat een bijdehandje zeg! Zij komt in betrekking bij Belle Craisse, met haar kindjes Fleur, Jaap-Joost en Drein. Ach, de mensen laten zich graag flessen. Daar wil Tippie Toe dan zijn. Belle is door haar rijke vent verlaten, omdat die verdween met Tippie Eén. Nee, ze wil er niet meer over praten, yogales helpt haar alleen. Maar Tippie Toe denkt Toedeliedoe, je kan me de bout hachelen. Ga jij maar fijn naar yoga toe, laat ik de boel vernachelen. Belle zit bij haar yoga in de Sukhasana, maar ze denkt de hele tijd: Hoe zal ’t thuis nu gaan? Ze zal ze toch niet slaan? Oh nee. Zit ze niet te nietsen? Kan ze bakfiets fietsen? Geeft ze hun wel goed ontbijt? Nee, maakt ze het niet stuk, hun kind zijn, hun geluk? Oh jee. Fleur steekt nog een stikkie op van Tippie. Jaap-Joost kijkt haar porno dvd. Kleine Drein drinkt wijn, wel potverdikkie! Tippie Toe zit nergens mee. Of toch, ze heeft de minnaar afgewezen van Belle Craisse, want die vroeg: lekker stuk, zullen wij eens even samen kezen? Maar daarvoor heeft zij het te druk. Ja, ’t is een bijdehante tante. Elk vertrek doorzoekt ze minutieus. Sieraden, briljanten en contanten. Oh zoveel, ’t is fabuleus. En Tippie Toe schrijft Toedeliedoe Hé Belle, je kan creperen. Je schat is naar Verweggistan toe. Mag jij jeremiëren. Belle komt terug van yoga, ziet dan de bureaula, alles ligt er overhoop. Ze gilt: door wie en hoe? Oh Tippie, help me, toe! Maar niets. Fleur is niet aanspreekbaar. Jaap-Joost, die kijkt heel raar. Dronken Drein biedt ook geen hoop. Het stinkt naar hasj en wijn. Hoe erg kan ’t zijn? Zoiets. Tippie Toe komt van de Filipijnen. Waar precies, dat heeft ze nooit gezegd. Ja, zo kan ze makkelijk verdwijnen. Komt er nooit meer iets terecht. Belle is er wat overheen gekomen, na een jaar of drie in therapie. Toch heeft zij nog heel vaak boze dromen, en dan ziet zij Tippie Drie. Die Tippie Drie zegt Tiedeliedie, je moet niet overdrijven. Er zijn ook Filipijnsen die heel leuk en eerlijk blijven. En zo is ‘t.

 

Wat filmpjes van wat ik maak
en doe voor allerlei gelegenheden:

Zoals een act bij een mooie gebeurtenis
bij een bedrijf, school, congres, et cetera

Soupalicious - Soep Soep!
'Soupalicious' open ik
op verzoek met 'Soep-Soep'
bekend van Paolo Conte
De mooie nieuwe sociale onderneming Soupalicious wordt geopend met het lied 'Soep - Soep'
Opening van Expositie
Conference met lied bij
de opening van de expositie
van de Bloemendaalse
Kunstkring Fiore, 2014.
Liefde voor de Kunst, lied bij de opening van de expositie van de Bloemendaalse Kunstkring Fiore, 30 augustus 2014
Enen en Nullen
Het proefschrift van Carolien
heeft iets met computers.
Op het grote feest doe ik
een toepasselijk lied.
Feestlied voor Carolien die met succes haar proefschrift heeft verdedigd over Kennistechnologie
Diploma Uitreiking
Studenten Verloskunde
ontvangen hun diploma
na een zware bevalling...
Studenten Verloskunde ontvangen hun diploma na een zware bevalling

Lied voor een bijzondere verjaardag,
huwelijksfeest, jubileum...

Een Verjaardag
Schoonheidsspecialiste Carin
is 50 jaren jong.
Dan maak ik speciaal
voor haar een lied!
Een mooi feest voor Carin die 50 jaar is geworden
Gouden Huwelijk
Nel & Sjaak, 50 jaar getrouwd
Iedereen zingt mee
met hun huwelijksbootje
aan de Amsterdamse grachten.
Rosie zingt 'Ik zag 'm eerst niet zitten', liedje uit m'n musical 'Bertje Kei'
Mooi Bali
Pim & Aya trouwen op Bali
en zijn gek op Guus Meeuwis.
Een Bali-meezinger dus op
'Het is een nacht'
Rosie zingt 'Ik zag 'm eerst niet zitten', liedje uit m'n musical 'Bertje Kei'

Musicals voor basisscholen
en middelbare scholen

Lied uit 'Bertje Kei'
Rosie zingt bij haar afscheid
van groep 8 het gevoelige
'Ik zag 'm eerst niet zitten'
Ik begeleid haar live.
Rosie zingt 'Ik zag 'm eerst niet zitten', liedje uit m'n musical 'Bertje Kei'
Puffen
Liedje voor de jongsten
over deze magische wereld,
waarbij een kleuterklas
een toneeldansje doet.
Pacelle zingt 'Puffen', een lied uit de wereld van 1001 nacht
Kijk d'r nou!
Groep-8 musicalliedje, hier
aangepast voor volwassenen,
gezongen met Ger Dijkshoorn
èn het theaterpubliek.
Kijk d'r nou! een musicalliedje voor groep 8 dat hier wordt met aangepaste tekst wordt gezongen door het volwassen theaterpubliek

Nog wat strooigoed:
Liedjes ~ voor en met ~ deze en gene.

Carnaval
Begeleid door de Haarlemse
Muggenblazers zingt Riny B. mijn 'Sjaan, zet jij je vetpan effe aan'.
Winnende carnavalskraker 'Sjaan, zet jij je vetpan effe aan', gezongen door Riny B. met begeleiding van de Haarlemse Muggenblazers
Pommetje
Bram Biesterveld treedt op
in Velserduin. Ik ben publiek.
Als spontane actie
doen we samen een klassieker.
Bram Biesterveld (Pommetje Horlepiep) en Ton Hoenderdoszingen samen 'Op een mooie Pinksterdag'
Mijn Stad
Als gastoptreden in mijn
theatervoorstelling zingt
Ger Dijkshoorn met mij
over mijn geboortestad.
Bram Biesterveld (Pommetje Horlepiep) en Ton Hoenderdos zingen samen 'Op een mooie Pinksterdag'
Soep - Soep iedereen doet mee, van flat-farmer tot consument èn al die koks en kokkinnen. Soep, soep, creëer je eigen soep, …soep, soep, soep, soep. Doe ’t recht vanuit je hart, dan verover je de harten van alle mensen. Zo smakelijk, zo smakelijk, zo smakelijk, en toch zo voedzaam, smakelijk, heel smakelijk, zo smakelijk, doe mij een kom, Soep, soep, Soupalicious Soup, ha, jam, jam, mjam, mjam, goede maaltijdsoep, slob, slobber slob, jam, jam, toppie toppie soep! Soep - Soep wat een pracht idee. Soep die mensen verbindt en verbroedert. Culturen die in de keuken samensmelten. Soep, soep, Hoe Vietnamese Phosoep, Surinaamse Pindasoep en Chinese Kippensoep de Hollandse omasoep inspireren. Zo smakelijk, zo smakelijk, zo smakelijk, en toch zo voedzaam, smakelijk, heel smakelijk, zo smakelijk, doe mij een kom, Soep, soep, Soupalicious Soup, ha, jam, jam, mjam, mjam, goede maaltijdsoep, slob, slobber slob, jam, jam, toppie toppie soep! Kazoo - Kazoo - Kazoo Zo smakelijk, zo smakelijk, zo smakelijk, en toch zo voedzaam, smakelijk, heel smakelijk, zo smakelijk, doe mij een kom, Soep, soep, Soupalicious Soup, ha, jam, jam, mjam, mjam, goede maaltijdsoep, slob, slobber slob, jam, jam, toppie toppie soep! Soep - Soep aan de gang ermee. Laat de voedselbank fijn scoren nog beter dan een sterrerestaurant…jaa… Soep, soep, rij ermee door ’t ganse land Breng met elektrieke karretjes warme troost in een koude wereld. Zo smakelijk, zo smakelijk, zo smakelijk, en toch zo voedzaam, smakelijk, heel smakelijk, zo smakelijk, doe mij een kom, Soep, soep, Soupalicious Soup, ha, jam, jam, mjam, mjam, goede maaltijdsoep, slob, slobber slob, jam, jam, toppie toppie soep, multi culti soep, smullen van de soep, ‘k heb je nodig voor de soep, Soupalicious Soup ! Verf, palet, ezel met doek, hand van de kunstenaar. Fijn penseel, altijd op zoek, strelend en zie toch daar, die zachte toets, die net dat maakt, dat dàt bij ons iets raakt. Steen, metaal, maak een sculptuur, ruimtelijk beeld van iets. Hak of smeed, alles heel puur, vormen vanuit het niets. Dat werk met verf, zilver of steen, wat heeft dat nou gemeen?… Dat is liefde, ware liefde, warme liefde, voor de kunst. Voel de liefde, zoete liefde, proef de liefde, van de kunst. Lijnenspel en vormentaal, vlakken van kleur en licht. Dat vertelt ons een verhaal, net als een mooi gedicht, dat frank en vrij, met woorden speelt, en steeds dat ene deelt… Is dat liefde, echte liefde, ware liefde voor de kunst? Ja kunst in je leven, dat kan zoveel geven, dat raakt en bezielt en bekoort. Gezeur over smaak, nee schilder maar raak, denk niet aan wat moet en wat hoort. Dus hak die steen, bevrijd het beeld en maak je dromen waar. Als iedereen creëert en deelt, dan vinden we steevast elkaar, elkaar… in de liefde, fijne liefde, mooie de liefde, voor de kunst. Ach de liefde, zachte liefde, zoveel liefde, voor de kunst. Kunstenaars rond Bloemendaal delen hun passie graag. Welkom dus, U allemaal, U inspireert vandaag. En zie hoezeer Fiore groeit en - semper florens - bloeit… door hun liefde, mooie liefde warme liefde voor de kunst. Deel die liefde, proef hun liefde, deel ’t allemaal, hier, in Bloemendaal. Piepen en zuchten, dat zijn de vruchten van een zwangerschap, dat was voor mij een heel gedoe. Wie kon me bijstaan, steeds maar weer doorgaan, wie hielp me stap voor stap?, Ach, kon ik maar naar jullie toe. Je diploma heeft voor mij verlossing gebracht, want ik - als man - ben niet zo sterk. Ik vertrouw volkomen op je kundige kracht, dus ik zou zeggen: aan ’t werk! Leve het leven, dat jullie geven aan de mensheid hier, ja, jullie hulp wordt veel gevraagd. Wordt men nu zwanger, vaker en langer, voor de lol en ’t plezier? Vindt men jullie zó geslaagd? Je diploma heeft voor ons verlossing gebracht, want nee, een man is niet zo sterk. Wij vertrouwen graag op jullie kundige kracht, dus ik zou zeggen: aan ’t werk! En laat die babies komen, fantastisch, foet na foet, door jullie hulp zou elke man haast dromen, dat ie zelf bevalt, leuk voor de leut. Piepen en zuchten, heerlijke vruchten van een zwangerschap, een oogst zo rijk en vol genot. Als jullie ons bijstaan en steeds maar weer doorgaan en helpen, stap voor stap, dan kan ons feest niet meer kapot. Dus laat die babies komen, fantastisch, foet na foet, door jullie hulp zou ik ook haast gaan dromen, dat ik zelf beval, leuk voor de leut. Nou laat me maar fijn dromen, je opleiding is klaar, diplomaas zijn hier niet vanzelf gekomen, maar goed ‘t-is af, dus feest nou maar! Een kus, een teder gebaar, een traan op hun brug. Het afscheid valt ze weer zwaar, “zie ik je gauw terug?” Ach Sjaak, die houdt veel van Nel, dat zei hij zo vaak. Ook Nel, die wist al heel snel: ik wil alleen Sjaak. Ze waren jong nog, doch toch, zij bruigom en bruid: Die dag zou komen, dromen, die komen soms weleens uit. Nel en Sjaak, je huwelijksbootje, wat een schip - ja top! - dat vaart vijftig jaar. Kijk je lacht, want vaak genoot je, van die mooie tijd met elkaar. Nel en Sjaak, een mensenleven, kent z’n ups en downs, maar maak je niet druk. Blijf elkaar steeds liefde geven, want dan krijg je samen geluk. Je trouwt en sticht een gezin, met dochters en zoon. Daar groeiden zij prima in, het werd haast gewoon. Toch was het toen in die tijd, soms best ook wel zwaar. Maar nee, geen omzien in spijt, en kijk nu eens daar: Je kreeg er even zeven kleinkinderen van: Bart, Max en Rutger, Fleur en ook Nina, Jazzy en Stan. Nel en Sjaak, je huwelijksbootje, wat een schip - ja top! - dat vaart vijftig jaar. Kijk je lacht, want vaak genoot je, van die mooie tijd met elkaar. Nel en Sjaak, een mensenleven, kent z’n ups en downs, maar maak je niet druk. Blijf elkaar steeds liefde geven, want dan krijg je samen geluk. Hossende massa’s, goed voor de kassa’s van de horeca. Elk café doet vrolijk mee. Tien pils - tuurlijk - tra la la. Iedereen zat, en dat is dat. Je hoort alleen nog maar gebral... Oh jee, oh nee, oh jee, oh nee, oh jee... ‘t-is Carnaval. Vreemde geluiden, diep uit ‘t Zuiden: Limburg dringt weer door. Lallend gaat ‘t over straat. ‘T-is toch werkelijk geen gehoor. Is dat Maastricht één groot gesticht? Is dit een Zotten-festival? Oh jee, oh nee, oh jee, oh nee, oh jee... ‘t-is Carnaval. Het hoogste Hoge Noorden is mij niet hoog genoeg. Ver wèg van die ontspoorden, die zuipen in de kroeg. Dus Oeteldonkse dwazen, dom Carnaval-conclaaf: ik groet je voor de laatste keer - Alaaf - ‘t-is Carnaval. Zie ze nou stappen, mutsen met flappen, voorop loopt de Prins. Raad van Elf, toe zeg nou zelf: dit gedoe heeft toch iets mins. Het is een draak van een vermaak. Waarom gedraagt U zich zo mal? Oh jee, oh nee, oh jee, oh nee, oh jee... ‘t-is Carnaval. ‘t-is Carnaval! Tijgers zijn hele wilde dieren. Ze brullen, ze razen en ze tieren. Pas op, ze geven zo een krab, of erger nog, soms doen ze hap! Maar ik, ik zit nooit in m’n rats. Ik ben de grote, de grootste, de allergrootste Sapristi Klats! Tijgers die kan je mij wel geven. Ze temmen, dat is m’n lust, m’n leven. Ja echt, uiteindelijk op de duur, dan gaat zo’n beest voor mij door-’t vuur! Nee ik, ik zit nooit in m’n rats. Ik ben de grote, de grootste, de allergrootste Sapristi Klats! Tijgers, die hebben scherpe tanden. Ik kneed ze met zweep en blote handen. En soms, soms geef ik voor de grap, zo’n dik dom beest een ferme trap! Want ik, ik zit nooit in m’n rats. Ik ben de grote, de grootste, de allergrootste Sapristi Klats! Het was de leukste klas van Triniteit, zo’n leuke zou d’r later nooit meer komen, die klas van, Frank Schenk en Karen Bruyn. Gezellig samen in de pubertijd, verliefd en vol van mooie toekomstdromen, je weet wel, leuk huisje en graag een tuin. Maar wel eerst studeren, ach, je moet wat. Zo wordt Leiden even dé leukste stad. Hé Frank en Karen, eindelijk vijftig jaar. Mooie reden voor een feestje, dat is prima voor mekaar. Hé Frank en Karen, heel bijzonder, prettig stel. Ja, iedereen, die ziet meteen, ‘t is leuk, ‘t is goed, ‘t-is samen… Het is de leukste straat van Nederland, ja, echt zo’n straat die wel een laan mag heten, jazeker, de Lambrecht van Dalelaan. De auto’s staan er keurig aan één kant, je fiets op slot, dat mag je daar vergeten, ja meestal, dan blijft ie daar toch wel staan. En op drie-en-veertig, haast middenin, woont ’t allerleukste, zo’n leuk gezin. Hé Frank en Karen, eindelijk vijftig jaar. Mooie reden voor een feestje, dat is prima voor mekaar. Hé Frank en Karen, heel bijzonder, prettig stel. Ja, iedereen, die ziet meteen, ‘t-is leuk, ‘t-is goed, ‘t-is samen… Het is het leukste stel in deze zaal, zo samen kunt u dat gerust be-amen, zij zijn het leukst van allemaal. Hé Frank en Karen, eindelijk vijftig jaar. Mooie reden voor een feestje, dat is prima voor mekaar. Hé Frank en Karen, heel bijzonder, prettig stel. Ja, iedereen, die ziet meteen, ‘t-is leuk, ‘t-is goed, ‘t-is samen…één. Snerpende kreten doorklieven de lucht, donderend rolt de Python op zijn vlucht. Mensen genieten van spanning en angst, zij die ‘t stoerst doen, zijn nu vaak ‘t bangst. Wie de Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Python doet, gaat omhoog, omlaag en op z’n kop, dat voel je goed. Want je ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, maag draait om, je trekt je tenen krom... Voetje voor voetje, de rij leek zo lang, toch zit je snel en komt ie al op gang. Stukje voor stukje naar boven maar daar, trekt ie van leer en ja dan wordt ‘t zwaar. Wie de Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Python doet, gaat omhoog, omlaag en op z’n kop, dat voel je goed. Want je ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, maag draait om, je trekt je tenen krom... Zoef daar gaat ‘t naar beneden, ‘k-heb nog nooit zo hard gereden. Wat is onder, wat is boven? Wie kan hier zijn ogen geloven? Alles draait maar heen en weer, toch wil ik nog een keer... Wie de Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Py, Python doet, gaat omhoog, omlaag en op z’n kop, dat voel je goed. Want je ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, ma, maag draait om, je trekt je tenen krom... Snerpende kreten doorklieven de lucht, donderend rolt de Python op zijn vlucht. Mensen genieten van spanning en angst, zij die ‘t stoerst doen, zijn nu vaak ‘t bangst. Laatst zag ik Sarah, middenin de nacht. Zij had een feestje, ze werd weer eens verwacht. Een schoonheidsspecialiste uit het Bloemendaalse Bos. Die Sarah keek er echt naar uit: “kom op, daar gaan we los!” Zij leek te weten wat wij hier nu zien, ja iets met Sarah, een halve eeuw misschien? Je weet wel, net als Abraham, staat zij dan voor je klaar. Zo leuk dat ik haar tegenkwam, zo net nog voor jouw kroonjaar. Ja Carin, 50 jaar, toe kijk maar om je heen, je hebt ’t fijn voor mekaar, je staat hier niet alleen. Je vrienden, al dan niet met een hond, zijn bijna allen hier, Jouw Joe, die scharrelt ook ergens rond, ’t is zo’n aardig diertje…. Wat zegt nou leeftijd?, wat zegt 50 jaar? Wie jou zo hier ziet, die ziet wel: het is waar, Je bent als mens zo jong of oud, als dat je je graag voelt, Soms blijft een grote meid leuk stout, ja vaak ook onbedoeld . Zo zit je zomaar, fijn met een vriendin, even wat kletsen, dat geeft het leven zin. Bijvoorbeeld over Portugal, jouw top-vakantie land. dat ooit jouw hart voor altijd stal, die mooie, warme stranden. Ja Carin, 50 jaar, en altijd vind je tijd, dan staat je koffertje klaar, is alles voorbereid. Dan zit je op een zonnig terras en drinkt je glaasje leeg , en denk je bij het volgende glas: daar thuis hebben ze regen… Laatst zag ik Sarah, droomvrouw in de nacht. Zij zag dit feestje, ze zag hoe jij nu lacht. Ze zei dat jij nu helemaal weet hoe leven leuk kan zijn. Ze hoopt dat jij dat nooit vergeet, dat alles een festijn blijft. Ja Carin, 50 jaar, met heel veel feestvertier. Het is hier fijn voor mekaar, een glaasje wijn of bier. Hoe iedereen zich flink amuseert, het is hier gezellig druk. Veel welgemeend gefeliciteerd, ja Carin, veel geluk! Ik zag 'm eerst niet zitten, al zat ie vlak bij mij. Als wij in groepjes klitten, staat hij nooit ergens bij. Door zijn manier van praten, en onaangepast gedrag, sluit hij niet aan, zegt niemand hem gedag. Een klas is als familie, het geeft elkaar een band. Al is er wel eens ruzie, je houdt zo'n band in stand. Maar soms, haast zonder reden, staat er iemand buitenspel. Die doet niet mee, het zwarte schaap zit knel. Maar toch laat hij mij niet koud, hem negeren vind ik fout: niemand hier verdient het uitgesloten te zijn. Want al valt ie uit de toon, doet ie anders dan gewoon: net als iedereen doet het 'm pijn zonder vrienden te zijn, waarom zou ik hem niet vragen?.... De meester ziet niet zitten, hoe hij zijn kennis tart. Hij zit op 'm te vitten, en straft hem veel te hard. Maar vaak moet hij bekennen: "had die jongen toch gelijk". Dat went niet snel, je staat als mees te kijk. Maar toch laat hij mij niet koud, hem negeren vind ik fout: niemand hier verdient het uitgesloten te zijn. Want al valt ie uit de toon, doet ie anders dan gewoon: net als iedereen doet het 'm pijn zonder vrienden te zijn, waarom zou ik hem niet vragen?.... Ik zag 'm eerst niet zitten, waarom deed ik zo klein? Straks ga ik naast 'm zitten, wil vrienden met hem zijn. Juist dat ie ongewoon doet, maakt dat ik nu naar hem zwaai. Normaal doen is voorspelbaar en vaak saai. Dus hij laat me echt niet koud, hem negeren vind ik fout: niemand hier verdient het uitgesloten te zijn. Want al valt ie uit de toon, doet ie anders dan gewoon: net als iedereen doet het 'm pijn zonder vrienden te zijn, waarom zou ik hem niet vragen?.... ga je mee..... Een fesie in de stad bij ome Cor, ome Cor was als een tor. Toch bleef ie alsmaar brallen: ik ga door! Da's typisch ome Cor. Natuurlijk dronk ik ook een biertje mee, maar toen 's-nachts om kwart voor twee, zei ik: jongens hé, hallo paraplu, ik ga nu naar m'n vrouwtje, want die wacht met haar menu... Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, dan kunnen we frituren. Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, of heb dat ding weer kuren? Sjaan, zo effe voor 't slapen gaan, dan heb ik altijd trek, in een bal, kroket, een hete snack, (dus) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet je vetpan maar vast aan! Vanmorgen werd ik uit m'n bed gebeld, dacht nog: ik heb niks besteld. Ik open toch de deur, ik zie te laat, dat schoonmama daar staat. Op zo'n dag helpt bij mij alleen de fles, want dat mens dat kletst voor zes. Maar ook deze straf gaat ooit weer voorbij, want straks zegt ze gedag en maakt m'n vrouwtje me weer blij... Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, dan kunnen we frituren. Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, of heb dat ding weer kuren? Sjaan, zo effe voor 't slapen gaan, dan heb ik altijd trek, in een bal, kroket, een hete snack, (dus) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet je vetpan maar vast aan! Ik kwam een tel te laat op mijn kantoor, want de prikklok, die loopt door. Ik zeg nog: staat dat stomme ding niet voor? dit is een rotkantoor! Ik draai me om, daar staat de directeur, zie die man, verschiet van kleur. Hij zegt: Jansen knul, wat horen we nu? Blijf jij maar fijn wat langer, ook al mis je je menu... Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, dan kunnen we frituren. Sjaan, zet jij je vetpan effe aan, of heb dat ding weer kuren? Sjaan, zo effe voor 't slapen gaan, dan heb ik altijd trek, in een bal, kroket, een hete snack, (dus) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet 'm aan, (zet 'm aan) zet je vetpan maar vast aan! Honderdduizend lichtjes en misschien wel meer. Sterrenpracht, we zien het weer. Al het leed, al deed het zeer, is vergeven. Onze Marsgezichtjes die weer vrolijk staan, zeggen dag, want jullie gaan. Maar wie weet, een keer spontaan, kom je even. En weet je, je mag altijd blijven komen. Blijf een beetje, steeds een beetje van ons dromen. Als dank en als herinnering krijgen jullie twee, twee rode poppen mee... Alles liep toch goed, al was er veel gevaar. Zij aan zij en vechten maar. T-is een sport, zo’n heksie daar af te knallen. Afscheid nemen doet altijd een beetje pijn. Hoort dat bij gelukkig zijn? Het was kort, maar reuze fijn met z’n allen. En weet je, je mag altijd blijven komen. Blijf een beetje, steeds een beetje van ons dromen. Als dank en als herinnering krijgen jullie twee, twee rode poppen mee... Honderdduizend lichtjes en misschien wel meer. Sterrenpracht, we zien het weer. Jullie gaan weer als een speer naar de aarde. Maar weet je, je mag altijd blijven komen. Blijf een beetje, steeds een beetje van ons dromen. Als dank en als herinnering krijgen jullie twee, twee rode poppen mee... En weet je, je mag altijd blijven komen. Blijf een beetje, steeds een beetje van ons dromen. Als dank en als herinnering krijgen jullie twee, twee rode poppen mee... Ergens op een veldje bij iedereen vandaan, hebben we gezellig ons kampementje staan. Al is 't zwaar en primitief, de armoe daar neem je voor lief. Wij verdragen best een wagen, voor ons geen huis of flat. Wij zijn één familie en hechten aan elkaar. Echte burgerlieden die vinden dat maar raar. Dus wij zijn gek, moeten dus weg, van deze stek, hebben weer pech. Hoor ze klagen, ons verjagen, we worden uitgezet. Ergens op een veldje bij iedereen vandaan, hebben we gezellig ons kampementje staan. Al is 't zwaar en primitief, de armoe daar neem je voor lief. Wij verdragen best een wagen, voor ons geen huis of flat. Wij zijn één familie en hechten aan elkaar. Echte burgerlieden die vinden dat maar raar. Dus wij zijn gek, moeten dus weg, van deze stek, hebben weer pech. Hoor ze klagen, ons verjagen, we worden uitgezet. Massaro, waar zijn de paarden gebleven? Span ze voor de wagens, want we worden voortgedreven. Ze noemen ons gajes, dat staat ook in de krant. We horen in de bajes in ons eigen land. Ochtenddauw en nevel, natuur is zo dichtbij. Leven zonder knevel is heerlijk rijk en vrij. Het burgerdom, deugdzaam en braaf, dat werkt zich krom, leeft als een slaaf. Niet te geloven, al dat sloven, dat nergens echt toe leidt. Soms kom je ze tegen, we zijn wel eens op zoek, moeten ons toch kleden, bij ons slijt ook een broek. Je kijkt en sjokt, dwaalt in hun stad. De luxe lokt, leent wel eens wat. Dus zij geloven, dat we roven, men wil ons daarom kwijt. Massaro, waar zijn de paarden gebleven? Span ze voor de wagens, want we worden voortgedreven. Ze noemen ons gajes, dat staat ook in de krant. We horen in de bajes in ons eigen land. Ons eigen land ligt nergens, wij zijn dus nooit echt thuis. Maar wij zijn toch ergens, al hebben we geen huis. Je gaat en staat, waar je maar wil. Maar zie de haat, men doet zo kil. Als men ons ziet, start hun klaaglied: ons huis wordt minder waard. Heus 't-is niet persoonlijk, verzekert men ons dan. Maar hier heerst de indruk, dat U niet blijven kan. Uw wooncultuur botst hier volop. Zo zegt men duur: rot maar weer op. Dat men niet ziet, hoe men doorschiet, we worden niet aanvaard. Massaro, waar zijn de paarden gebleven? Span ze voor de wagens, want we worden voortgedreven. Ze noemen ons gajes, dat staat ook in de krant. We horen in de bajes in ons eigen land. Massaro, waar zijn de paarden gebleven? Span ze voor de wagens, want we worden voortgedreven. We gaan maar weer rijden, al vinden we dat rot. Wie zal ons ooit bevrijden van ons droevig lot? Bliep, bliep, bliep.... Hard, koud en stijf. Voel toch hun lijf. Zijn onze koning en koningin van steen? Weg is hun lach. Weg ons gezag. Maak ze toch levend, ach wij zijn zo alleen. De heks heeft ze aangestipt. Dat wijf is totaal geflipt, want wie haalt zoiets nou uit? Dan heb je-’t echt verbruid... Bliep, bliep, bliep.... Hard, koud en stijf. Voel toch hun lijf. Steen is de koning en steen de koningin. ’t Was een jongen En zag ik dat nou goed, gaf hij een kus? Dat meissie vond ’t best, dat was m’n zus Dus dacht ik even: hé, dat is ‘m dus (dat is ‘m dus) Nu is ie jarig. het leven lijkt weer even één groot feest ’t is jammer als u hier niet bent geweest en ik geniet misschien nog wel ’t meest, ja ’t meest Want Jan is 50 jaar, daarom zijn we hier nu bij mekaar. En die Abraham, staat die wel klaar? Wat maakt ’t uit: kom feest nou maar. Wie gunt ’t jou nou niet? Als er iemand ziet hoe jij geniet van ’t moois dat deze dag je biedt Ja 50 jaar, dus feesten maar ! Als een zwager, Als je met een zwager blij kan zijn Heb je ’t als zwagers samen fijn. Samen bij m’n neefie langs de lijn Bij de voetbal … voetbal Het geluk dat diep van binnen zit…. zit je voelt je goed en weet dat is dus dit… dit dat is echt je kostbaarste bezit …. Bezit dat is dit. Want Jan is 50 jaar, daarom zijn we hier nu bij mekaar. En die Abraham, staat die wel klaar? Wat maakt ’t uit: kom feest nou maar. Wie gunt ’t jou nou niet? Als er iemand ziet hoe jij geniet van ’t moois dat deze dag je biedt Ja 50 jaar, dus feesten maar ! Samen verder met een partytent als paraplu Samen met elkaar, dus ook met u Op nu naar de toekomst, die start nu Die start nu Effe toasten… toasten Toasten samen op die fijne man…. fijne man Dus neem een glas, zodat je proosten kan…. kan En dan zeggen wij, lang leve Jan… lang leve Jan Want Jan is 50 jaar, daarom zijn we hier nu bij mekaar. En die Abraham, staat die wel klaar? Wat maakt ’t uit: kom feest nou maar. Wie gunt ’t jou nou niet? Als er iemand ziet hoe jij geniet van ’t moois dat deze dag je biedt Ja 50 jaar, dus feesten maar ! Wie de Sahara heeft overwonnen, wie in die woeste zandwoestijn heeft liggen zonnen. Wie de gevaren, daar heeft ervaren, die weet hoe heet het daar kan zijn. Je gaat er puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe van de hitte. Puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe in de zon. Je denkt dan ondertussen: Zat ik nou maar te zitten in een koude ijssalon! Oh Aladdin knul, prinses Jasmine. Oh dat zo’n woeste Ali Baba staat te grienen. Hij is een schat kwijt, dus heeft die rat spijt. Zijn grot is leeg en dat doet pijn. Hij staat te puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe en te snikken. Puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe, puffe in de zon. Hij denkt dan ondertussen: Ik zou zo graag weer pikken, wat ik zo maar pikken kon! Ik droomde vannacht, 't was 1910, Haarlem Spaarne 2. Ik zie hoe zij lacht, om hem weer te zien, ja ze gaat met hem mee. Flaneren langs de oude gracht, een bankje in de Hout. Het klinkt zo mooi, zo warm, zo zacht, als ze zegt dat ze zoveel van hem houdt... Ik droomde vannacht, droomde van toen, Bertha en JPA-2. Hadden zij toen verwacht, wat hun liefde zou doen, gezegende kinderzee. Die knoeiden en stoeiden, groeiden en bloeiden, het grote gezin als een bron van vreugd en troost. Hoewel zij hun ouders dagelijks vermoeiden, toch waren die dol op hun kroost. Kijk om je heen, met zo'n familie sta je nooit alleen. Mooi fenomeen, om hier verwant te zijn met iedereen. Het is een eindeloos geluk, maar soms wel een beetje druk. De aanhang komt snel, ze maakt zoons en dochters los, de rij kinderen thuis wordt steeds korter. Dat waren Mies van der Elsen, Do Smit en Jan Hoenderdos, Riet van de Weijer en Loes Gorter. En ook Netty Roemers, Jan Sterk en Johan Walstra, dienden zich aan voor een zoon- of dochterlief. Die worden op hun beurt zelf vaak pappa, mamma, zo groeide de familie explosief. Kijk om je heen, met zo'n familie sta je nooit alleen. Mooi fenomeen, om hier verwant te zijn met iedereen. Het is een eindeloos geluk, maar soms wel een beetje druk. Onze pubertijd bracht voor ouders heel wat strijd, gezag, dat zagen wij als flauwekul. Die gedachte slijt, een kind moet braaf zijn en vol vlijt, pas dan is het een fijne meid of knul. Kijk om je heen, met zo'n familie sta je nooit alleen. Mooi fenomeen, om hier verwant te zijn met iedereen. Het is een eindeloos geluk, maar soms wel een beetje druk. Ik loop langs 't Spaarne, 't wordt nacht in de stad. 'k zie Oma's huis weer staan. Oude lantaarnen verlichten het wat, 't schijnsel van de maan. Hier zag ik neven, nichten vaak, bij Oma op bezoek. Vooral de tuin viel in de smaak, maar pas op voor je zondagse broek. Zo loop ik te dromen, de tijd gaat zo vlug, dat heb ik kunnen zien. Wat zal er straks komen, hoe blikken zij terug, familie van JPA-10? Wat zal de toekomst voor de onzen brengen, hebben zij het rijk en/of is men rijk van geest? Hoe zullen zij de stamboom verlengen, vieren zij straks ook familie-feest? Kijk om je heen, met zo'n familie sta je nooit alleen. Mooi fenomeen, om hier verwant te zijn met iedereen. Het is een eindeloos geluk, maar soms wel een beetje druk. Eens per zoveel jaar, de familie bij elkaar. Kijk maar om je heen: zie hoe het leeft. Van Ria dit gebaar, dankbaar denken wij aan haar. Armzalig is die geen familie heeft. Kijk om je heen, met zo'n familie sta je nooit alleen. Mooi fenomeen, om hier verwant te zijn met iedereen. Het is een eindeloos geluk, maar soms wel een beetje druk. Oma: Wil je nog een kopje thee van mij, Bertje Kei, met een kaakje? Het is bedtijd voor ons allebei, en daarbij, helpt Klaas Vaak je. Mama blijft nog wel een week of drie, congresseren in Milaan. Als professor in de pedagogie, heeft zij een drukke baan. Oma en groepje meisjes: Wil je nog een kopje thee van mij, Bertje Kei, met een kaakje? Het is bedtijd voor ons allebei, en daarbij, helpt Klaas Vaak je. Oma: Papa drijft nu handel in Japan, zijn typiste heeft gebeld. Volgens haar is hij een top-zakenman, verdient ie smakken geld. Oma en groepje meisjes: Wil je nog een kopje thee van mij, Bertje Kei, met een kaakje? Het is bedtijd voor ons allebei, en daarbij, helpt Klaas Vaak je. Oma: Trek maar snel je warme piama aan, dan stop ik je strakjes toe. Laat je spulletjes maar lekker zo staan, je bent al veel-s te moe. Oma en groepje meisjes: Wil je nog een kopje thee van mij, Bertje Kei, met een kaakje? Het is bedtijd voor ons allebei, en daarbij, helpt Klaas Vaak je. 1+1=2, dat weet je best. Hier ligt Venlo, hier de rest. En je spelt dictee nog altijd met een c, en paardenpoep dat noem je mest! Bah! Leren, leren, leren, leren maar, voor jezelf en met elkaar. Blijf er even bij, want nu krijg je van mij, de leukste les van-’t hele jaar! Ja? Carnaval, Dat kennen we al. Carnaval, Dat interesseert ons geen bal. Carnaval, Nou wat? dat is het leven! Carnaval, Daar heb je d’r weer. Carnaval, Ah juf, m’n oren doen zeer. Carnaval, O nee! dat is zoveel! Venlo waar m’n wiegje heeft gestaan. Ja, daar komt de juf vandaan. ‘T-is een prachtig oord, al ligt ‘t dan in Noord en kan je d’r geen hond verstaan! Waf! Limburg met z’n mooie zachte g. Zelf spreek ik daar ook graag mee. Heerlijk dialect, die taal die is doorspekt met Carnavalse rim-ram-ree! Nee! Carnaval, Dat kennen we al. Carnaval, Dat interesseert ons geen bal. Carnaval, Nou wat? dat is het leven! Carnaval, Daar heb je d’r weer. Carnaval, Ah juf, m’n oren doen zeer. Carnaval, O nee! dat is zoveel! In ‘t Westen hoor je al te vaak: Wat een zielig, dom vermaak. Nee, ze snappen niet, wat Carnaval ons biedt. ‘T-is puur cultuur, ja feest maar raak! Jaaa! Carnaval, Da’s lekker spontaan. Carnaval, Ja juf, we komen d’r aan. Carnaval, Kom mee! dat is het leven! Carnaval, Fi-fal-de-ral-la. Carnaval, En hopsa, tra-la-la-la. Carnaval, Okay! da’s één groot feest! Je ziet Malmö, Thailand, Zermatt, Weens terrasje op een plein. Ze zijn in een Malaga, zo’n kuststad en ze hebben het er fijn. Op een hedendaagse wijze, via YouTube openbaar, laten zij ons met hen reizen, met dat spel: waar vraagt hij haar? Ach, je hoopt ’t echt heel vurig, beide ouders maak je blij. We zien de Streetparade in Zürich, daar zijn ze weer beide bij. Bij Locarno, aan zo’n meerstrand, of de ondergaande zon op Hawaii, prachtig eiland, waar hij haar ook vragen kon. Nicolien, Nicolien, Nicolien, wanneer vraagt hij je nou? In een wereld vol verlangen, vol van liefde en genegenheid. Nicolien, wil hij je voor altijd? St. Tropez of Flimms of Londen, of Venetië of Nice. Even heerlijk ongebonden voor vakantie, werk of niets. Of in Florida bij Disney, Mickey Mouse keek stiekem mee. Van jullie warme liefde wist ie, hij dacht: voor de draad ermee. O Martijn, O Martijn, O Martijn, wanneer vraag jij haar nou? In een wereld vol verlangen, vol van liefde en genegenheid. Nicolien, blijf bij mij voor altijd! Ach, de wereld mag dan groot zijn, van Pool tot Evenaar. Hou het samen liever fijn klein, zoek ’t heerlijk bij mekaar en besef op al je reizen, dat je echt iets moois bezit, dat je nooit genoeg kan prijzen, dat geluk van binnen zit. Nicolien en Martijn, Nicolien, Martijn, je hebt mekaar. In een wereld vol verlangen, vol van liefde en genegenheid. Nicolien, Martijn, ja voor altijd. Thuis zijn ze ooit gekomen en thuis, liefdevol, vroeg hij: O Nick, vrouw van mijn dromen, trouw asjeblieft met mij! Ja Martijn, Nick zei natuurlijk JA. In een wereld vol verlangen, vol van liefde en… ja, ’t is waar, Nicolien en Martijn zijn nu een paar. Nicolien en Martijn, voor altijd bij mekaar. Meester Pot: Stel twee treinen die gaan rijden, tussen Amsterdam en Leiden: een traject van achtenveertig kilometer. D'een rijdt veertig, d'ander tachtig, kind'ren luister nu aandachtig, want de vraag die komt, luidt: wie van jullie weet er? Na hoeveel tijd en waar, passeren zij elkaar, als ze allebei gelijk vertrekken? Nee, jullie zijn niet dom, maar 't is een zware som, waarvoor ik een uurtje uit moet trekken, voor je-'t ziet... Bertje Kei: Ik dacht van niet. Hele klas: Wat dacht jij nou weer niet? Bertje Kei: Zo moeilijk is dit sommetje nou ook weer niet. De snelheden verhouden zich als twee staat tot één. Deel de afstand dus door drie en dan zie je toch meteen, dat de trage trein, op dat punt zal zijn, zestien kilometer van Amsterdam. Gedeeld door veertig geeft, de tijd die hij dan heeft, gereden tot ie bij die ander kwam. En die trein, ja die zal dan pal voor Haarlem zijn. P. Plavuis: Thuis heeft papa een computer, 't is een bron van veel gefoeter. Hij riep laatst nog: "straks smijt ik dat ding 't raam door!" Ik denk dat ie programmeren, van zijn leven niet zal leren: 't is te moeilijk en hij is er niet 't type voor. Soms maakt ie een bestand, dat lijkt dan bijdehand, maar dat moet ie later toch weer zoeken. Verdwenen van zijn schijf, die scheldt ie dan dus stijf. Bits en bytes, ik prefereer toch boeken, die je ziet... Bertje Kei: Ik dacht van niet. Hele klas: Wat dacht jij nou weer niet? Bertje Kei: Zo moeilijk zijn computertjes nou ook weer niet; en geen systeem zo groot, of Bertje hackt 't wel klein. Met mijn modem had ik laatst de politie op mijn lijn. Weet je wat ik zag?, sorry dat ik lach, dat de meester schulden heeft door gokken. Dus hij is haast failliet, hoewel je dat niet ziet, als hij door de school heen loopt te sjokken, waarbij die fluit... Meester Pot: En nou d'r-uit! Bertje Kei: Waarom moet ik d'r-uit? Meester Pot: Ik weet 't niet, je stoort me, flapt er alles uit. Wat kan ik jou nou leren, je hebt steeds commentaar, zet me in de klas voor schut, mijn positie loopt gevaar. Goed, ik gok soms wat, 's avonds in de stad, en je kan nu eenmaal niet steeds winnen. Maar mag ik alsjeblieft?, als mij dat nou gerieft. Waarom moest je over dit beginnen?, m'n vuile was, dus daarom ga jij nu uit de klas. Meester Pot (terwijl de muziek doorgaat): D'r uit!...d'r uit! Wat houdt ons familie bij elkaar? Geen idee, misschien de genen. Kijk 'ns rond: het is toch wonderbaar. Menigeen is hier verschenen. Bent U steeds herkend? en wordt U fijn verwend? Maakt U hier, maar veel plezier. Het kost een lieve cent. ....cè, cè, cè, cent. Tante, wij petekind'ren weten wel van wanten. Dat bij-de-hante, dat hebben we gewoon van onze tante. Ja, we halen U d'r bij. Wie? Ria's rol die blijft ons leiden.. Wie weet wie, wij petekind'ren zijn? Arthur, Gert en Minnie, Carla, Ria liet 't bij dit half dozijn. Angélique en ook Maria. Wij zijn peet-ontheemd. Dat voelt een beetje vreemd. Maar die band brengt wel tot stand, dat je wat onderneemt. ....nee, nee, nee, neemt. Tante, wij petekind'ren weten wel van wanten. Dat bij-de-hante dat hebben we gewoon van onze tante. Ja, we slepen U d'r bij. Wat? Ria's rol die blijft ons leiden.. Wat brengt ons, familie bij elkaar? Zij misschien, de petekind'ren. 't-Is gezond, zo eens per zoveel jaar. Waarom niet? Wie zou dat hind'ren? Praat je weer eens bij. Dat kan ook straks met mij. Even maar, we zijn zo klaar. Alleen nog het refrein. ....frei, frei, frei, frein. Tante, wij petekind'ren weten wel van wanten. Dat bij-de-hante dat hebben we gewoon van onze tante. Ja, we lappen U d'r bij. Waar? Ria's rol die blijft ons leiden.. Tante, wij petekind'ren weten wel van wanten. Dat bij-de-hante dat hebben we gewoon van onze tante. Ja, U bent er lekker bij. Fijn! Ria's rol: die rol vervullen wij! Gerard: Prentbriefkaart! …. Prentbriefkaart! Allen: Prentbriefkaart, prentbriefkaart, slimme jongen die zo’n ding een eeuw bewaart. Dan voel je de historie, die schoonheid lang gelee, En denk je: potverdorie, wat zit ’t me weer mee. Wat een lol, albums vol, Santpoort heeft hij compleet, zover ik weet! Gerard: Mooie bal! …. Mooie bal! Allen: Mooie bal, mooie bal, lekker trekken, stoten, geef die bal een knal. Want als je ’n punt wil maken, meteen al van acquit, dan moet je ‘m goed raken, want anders lukt ’t niet. Je ontdekt dat effect, heel veel met ballen doet. Dat gaat soms goed! Gerard: USA! …. USA! Allen: USA, USA, op vakantie en de kinders mogen mee. Je plant ’t van tevoren, toen kwam die reis in zicht. Och arme, moet je horen: heel USA ging dicht. Gek idee, ’t viel wel mee. Ti ra - la la - la lie - la lie, in Death Valley ! Gerard: Met pensioen! …. Met pensioen! Allen: Met pensioen, met pensioen, ja dan kan je samen leuke dingen doen. Die baantjes zijn verleden, maar niet dat dat hen spijt. Ze zijn nu heel tevreden, met al die vrije tijd. Druk - druk - druk, want geluk, dat is wel werken hoor. Zij gaan ervoor! Gerard: Weg ermee! …. Weg ermee! Allen: Weg ermee, weg ermee, ook al gaf ie veel gemak met die WC. Als jij daar fijn wil meuren, krijg jij niet op je kop. Geen campinggast gaat zeuren: toe schiet nou toch eens op. Caravan, zij als fan, gaan nu met nog meer zin, de camper in. Gerard: Rijbewijs! …. Rijbewijs! Allen: Rijbewijs, rijbewijs, ja dat is iets waar ik Annemiek voor prijs. Ze zit haast nooit te nietsen, is altijd in de weer. Zo zie je haar vaak fietsen, dat houdt haar strak, meneer. Maar voor Wim, is ’t slim, en ook wel fijn op reis, een rijbewijs! Gerard: Wat een feest! …. Wat een feest! Allen: Wat een feest, wat een feest, Wim of Willem, die is jarig, wat een feest. Het is hier altijd sfeervol, er heerst hier goede zin. M’n glaasje is alweer vol, wie schenkt dat toch steeds in? Komaan proost, nu een toast, wij zingen met mekaar: nog heel veel jaar! neefjes van Dalen: We lopen langs de straten, vervelen ons een aap. Als wij niets doen of laten, vallen we in slaap. Wij gaan dus op pad, vinden altijd wat. Hou ons in de gaten, want oh, vergeet men dat... neefjes van Dalen en alle andere spelers vanachter de coulissen: Dan gaan we rossen, keten, dollen, trappen plezier, niets is ons dan te dol. Wat wij daarbij mollen, doet ons geen zier, wat telt is onze lol. Terwijl de muziek doorloopt, doen de neefjes van Dalen hun naam eer aan; het zijn echte vandalen. Ze spuiten bijvoorbeeld graffiti en maken dingen stuk. Als het tussenspel op zijn eind loopt, houden ze ermee op en zingen ze de rest van het lied. De neefjes staan aan de ene kant van het toneel (de kant van school) en aan de andere kant zie je mevrouwen en/of meneren ontdaan staan kijken naar wat is aangericht (bijv. vanachter een raam of door een deuropening). Ze klagen, maar doen zelf niets. Want wie pakt er nou vandalen aan? neefjes van Dalen: Je ziet de mensen balen, als wij zijn langs geweest. Want wat we sloopten, stalen, is voor hen geen feest. Zie het als hun lot, al hun spul kapot. Scheldt men in zes talen, genieten wij het meest... neefjes van Dalen en alle andere spelers vanachter de coulissen: Dus gaan we rossen, keten, dollen, trappen plezier, niets is ons dan te dol. Wat wij daarbij mollen, doet ons geen zier, wat telt is onze lol. ‘K-heb m’n wekker wel gezet, maar ik lig zo fijn in bed, dus ik ga er nog niet uit. Ook al kom ik dan te laat en wordt juffie boos en kwaad, ‘t-interesseert me echt geen fluit. Ach ik lig nog zo te gapen, dus laat mij nou lekker slapen, keer m’n kussen nog eens om. Ook al mis ik dan een les, kom ik nooit meer aan een zes, blijf ik altijd lui en dom: School, school, school, school, ga lekker niet naar school. Naar school, school, school, school, ga lekker niet naar school. Al dat rekenen en taal: is dat nodig allemaal? ‘t-Is toch zonde van je tijd. Want het leven draait om meer, dan wat ik op school presteer, al je vrijheid ben je kwijt. Dus laat mij maar lekker spelen, nee dat gaat me niet vervelen en je leert er ook veel van. Neem een doodgewone jojo: dat is eerst een hoop geklojo, tot je-’t vaak doet en goed kan. School, school, school, school, ga lekker niet naar school. Naar school, school, school, school, ga lekker niet naar school. Het is warm en fijn in bed, maar de wekker is gezet en die rinkelt: kom er uit. Als je-’ns wist hoe ik ‘t haat, als dat ding zo bellen gaat, ik word gek van dat geluid. Maar dan denk ik Bornwater, leuke school en heus dan gaat er, toch een schokje door me heen. Nee, ik wil die school niet missen, dus nog effe lekker pissen en dan hupslakee meteen: naar school, school, school, school, de Bornwaterschool. naar school, school, school, school, de Bornwaterschool. Een huwelijk dat zo’n poos kan duren, dat moet een hecht goed huwelijk zijn. Het lijkt een kwestie van goed sturen en soms wat water bij de wijn. Je ziet ‘t heel goed bij dit stel, het heeft toch steeds z’n best gedaan, om lief en leed heel fair te delen. Ze zien het leven als een spel, waarin je fijn je gang kan gaan, om zo je eigen rol te spelen.... O Zilver Paar, wat is uw wonder? toe, vertel ‘t maar. Hoe bleef u zoveel jaren bij elkaar? Bij hem, maar ook bij haar... Je kan hier zoveel van ze leren, ja, laat hen ons tot voorbeeld zijn. Nee, niet alleen qua mediteren, hun gans bestaan is zonneschijn. Hij tennist liefst de hele dag en zij hobbiet graag aan-’t fornuis en crèchet met kinderen binnen. Soms slaat hij op de beurs zijn slag, soms wordt ‘t even stil in huis, je kunt nu eenmaal niet steeds winnen... O Zilver Paar, wat is uw wonder? toe, vertel ‘t maar. Hoe bleef u zoveel jaren bij elkaar? Bij hem, maar ook bij haar... En dan, het mooiste moet nog komen, het steelt je hart en biedt je troost. Hun diepste wensen, mooiste dromen kwamen uit: het is hun kroost. Het smeedt je stevig aan elkaar, geeft je leven nieuwe zin, je hebt iets om voor te zorgen. Maria en Eva zijn haast klaar, maar Tommie bood een nieuw begin, de zorg, de hoop, de troost van morgen... O Zilver Paar, het is een wonder, ik vertel ‘t maar. Die mooie jaren heerlijk bij elkaar. Voor hem, maar ook voor haar, fijn bij elkaar... Bakker Brood, ik ben je vrouw. Tot aan je dood blijf ik je trouw. Als in je leven iets tegenzit, raak je soms even oververhit? Kom dan bij mij, dan zal ik jou verkoelen. De maatschappij, draait om geld en seks, te hard, te druk, maar Brood, ik voel mee. Jij blijft altijd mijn makker, m’n allerliefste warme bakker. Liefde voor altijd, een eeuwigheid lang! Bakker Brood, vertrouw op mij. Jij staat nooit alleen. Nooit een tel, besef je wel, jij bent nummer één. (want) jij blijft altijd mijn makker, m’n allerliefste warme bakker. Liefde voor altijd, een eeuwigheid lang! Jaar volgt op jaar. Waar blijft de tijd? Komt men ooit klaar met die eeuwenlange strijd? die domme haat en nijd?, Met onrecht en gevaar, maar Brood tot je dood... Blijf je altijd mijn makker, jij, mijn allerliefste warme bakker. Liefde voor altijd, een eeuwigheid lang! Oh kom, omhels me. Kom maar, kom gauw, kus me, ik hou van jou. Bakker Brood, wees jij maar niet bang. Je bent mijn grootste liefde levenslang. (ja) jij blijft altijd mijn makker, jij, mijn allerliefste warme bakker. Liefde voor altijd, een eeuwigheid lang! Oh kom, omhels me. Kom maar, kom gauw, kus me, ik hou van jou. Kus me, ik hou van jou... Een vrouw hier in Bloemendaal, die woont er al flink lang. Ze oogt echt heel vlot, vitaal, gaat leuk haar eigen gang. Met stijl en pretentieloos, vaak blij en welgemoed. Nee, haar zien we haast nooit boos, wie goed doet, goed ontmoet… (dus) Zo’n vrouw ga je waarderen, steeds meer, en jaar na jaar. Zo’n dame wil je eren, natuurlijk mag je haar. Ik peins in een eenzaam bos, vandaag wordt ’t weer niets. M’n hond scharrelt ergens los, maar dan, dan ruikt ze iets. Hé ja, daar komt Sammie aan, met kalm, beheerste tred. En Mieke loopt daar achteraan, mijn ochtend is gered… (want) Zo’n vrouw kan ik waarderen, steeds meer, en jaar na jaar. En af en toe fêteren, natuurlijk mag ik haar. Zo lopen we te praten, over… tja, waarover niet? Heeft zij wel in de gaten, hoe ik daar van geniet?! En nu, dit verjaardagsfeest, fantastisch voor mekaar. Ja jullie, die hier zijn geweest, die weten, het is waar: Zo lief, vol bescheidenheid, nu toch het middelpunt. Zo aardig en zo toegewijd, waardoor je zeggen kunt… Hoezeer we jou waarderen, steeds meer, en jaar na jaar. Je graag eens goed fêteren, gezellig met mekaar. Ja Mieke echt van harte dus, en heel veel jaar hierna, Toe gun mij een verjaardagskus en hiep, hiep, hiep, hoera! De dag was mooi, een mooie dag, die negentiende mei. Ons moeder die verraste ons met nog een kind erbij. Wat ik niet wist, wat jij niet wist, ach nee, dat konden wij niet weten, in die wieg, daar lag beslist een leuke broer, ja, wij dolblij… En juli is een zomermaand, dan heb je zonneschijn. Een baby die geboren wordt, al is ze nog zo klein, die is meteen het zonnetje, die brengt geluk en vreugdetranen. Nu de vraag: toe blik eens terug, wie zouden toch die baby’s zijn?… canon: Paul en Lilian, Paul en Lilian… enz. Een leuke meid, een frisse knul, die troffen het ooit zo, want zij vond hem en hij vond haar, ja echt elkaars cadeau. Dat werd al snel een heel leuk stel en hupsakee, twee leuke meiden. Wie dat zijn ? Dat weet je wel, hun ouders ken je sowieso… canon: Paul en Lilian, Paul en Lilian… enz. En honderd is een mooi getal, een soort van klokje rond. Dus als je samen zo ver bent en oog je nog gezond. Dan blik je blij, tevreden terug op jaren die je samen deelden. Heel veel moois, het ging soms vlug, maar zoveel dat je bindt en bond… canon: Paul en Lilian, Paul en Lilian… enz. Op vrijdag of op zaterdag of zondag, zeg ’t maar. Een feest bij hen is altijd feest, dus tuurlijk staan we klaar. Ja ratseflats, de beuk erin, je kan er ons voor wakker maken. Ons bestaan krijgt weer wat zin, we doen het voor dit vrolijk paar… canon: Paul en Lilian, Paul en Lilian… enz. Bill Uckler: Slaap je al, lig ik te dromen, deze eindeloze nacht, ben levend begraven in wanhoop en verdriet. Diepste dal, niet uit te komen, door het noodlot hier gebracht, geketend als slaven, ontsnappen lukt dus niet. Tijd heelt hier geen wonden, sterker wrijft ze in met zout, de uren, minuten, seconden kruipen voort. 'T richt je traag ten gronde, voor je vrij komt ben je oud, verslagen, gebroken, geschonden, ingestort. Bill + Bart Uckler: Slaap je al, lig ik te dromen, er is niemand die ons gelooft, familie, en vrienden, ze keerden ons de rug. 'T was een val, zijn beetgenomen, er is ons een kool gestoofd, dat wij die verdienden, is waanzin, help ons vlug. Tijd heelt hier geen wonden, sterker wrijft ze in met zout, de uren, minuten, seconden kruipen voort. 'T richt je traag ten gronde, voor je vrij komt ben je oud, verslagen, gebroken, geschonden, ingestort. Alle B. Uckler's: Slaap je al, lig ik te dromen, deze cel is onze hel, de muren zijn vochtig, en daglicht zie je nooit. Bovenal, hij kan zo komen, de cipier is echt een kwel, vol kuren, hardvochtig, die met ons eten gooit. Tijd heelt hier geen wonden, sterker wrijft ze in met zout, de uren, minuten, seconden kruipen voort. 'T richt je traag ten gronde, voor je vrij komt ben je oud, verslagen, gebroken, geschonden, ingestort. Kijk, hier heb ik twee konijnen, die laat ik zo verdwijnen, in deze hoge hoed. Ach, die zachte lieve beesten, genieten straks ‘t meeste, die zitten daar heel goed... Publiek: Hoe doet ie dat? Hoe kan ie dat? Hoe speelt ie dat toch klaar? ‘t-Is magie, kijk en zie: fictie wordt hier waar. Toon ons toch uw groot geheim, ach toe een tipsie maar, Hokus Pokus Goochel-tovenaar... Kijk, daar lopen twee kamelen, zich stierlijk te vervelen, vervelen zich een bult. Nou, die kunnen zo hun lol op, m’n toverstaf doet flip-flop. Hun eigen stomme schuld... Publiek: Hoe doet ie dat? Hoe kan ie dat? Hoe speelt ie dat toch klaar? ‘t-Is magie, kijk en zie: fictie wordt hier waar. Toon ons toch uw groot geheim, ach toe een tipsie maar, Hokus Pokus Goochel-tovenaar... Wie, wie durft hier te verschijnen, wie wil met mij verdwijnen, wie gaat er met me mee? Kom, dan kun je wat beleven en heus, het duurt maar even, heel even met z’n twee... Publiek: Wie doet er mee, wie gaat er mee, wie durft er op toneel? Loop je daar geen gevaar, ach hij zegt zoveel. Wie vindt het nou werkelijk fijn om zomaar weg te gaan? Vlieg je strakjes zomaar naar de maan? Vijftig jaar – was ’t zwaar? Fesie – gezellig – Een vrolijke dag, Dat is echt, je ware, Verjaardag ! Blik je soms weemoedig terug naar vroeger, vroeger naar de Diezestraat op twee? Spelen op ’t pleintje en je droeg er, graag en vaak een zus of broertje mee. Zie je in je Emmastraatse dromen, steeds opnieuw een broertje achterop? Dat toch ook op tijd op school moet komen, Anders krijgt ie straks weer op z’n kop. Trini was de tijd van groter groeien, jeugd als levensbasis was haast klaar. Die kon zelfs dat Trini niet verknoeien. Zo kwamen, kwamen… Vijftig jaar – voor mekaar ! Vijftig jaar ! Drankie – een happie – Ja pak maar - ’t mag - ‘T is vandaag, vandaag, verjaardag ! Zat je in je wilde, jonge jaren, soms wel hele nachten in de kroeg? Wat je daar aan wijsheid kan vergaren, vinden vele mensen zat genoeg. Daar ben jij dus niet in blijven hangen. Snoof jij geen cultuur bij Haarloheim? Soms kan je daar zó naar terugverlangen: Knip toch Knapper, Karel Kapper-rijm. Fijne jaren zijn sindsdien verstreken. Zoveel warmte altijd met elkaar. Heerlijk hoe vandaag wordt teruggekeken op mooie, mooie…. Vijftig jaar – die zijn klaar ! Vijftig jaar ! Praatjes – en grapjes – En straks zeg je dag Dat was dan – ja dan – De verjaardag Men zegt wel dat wijsheid komt met jaren. Abraham bracht jou ’t hoogtepunt. Is er nu iets moois in jou gevaren? Iets wat jij daarvoor nooit hebt gekund? Niet dat ik concreet iets kan bedenken. Handig ben je altijd al geweest. Wat zou Abraham jou moeten schenken, op jouw halve-eeuws-verjaardagsfeest? Toch wil hij je wel iets nuttigs geven. Jij staat immers ook voor ieder klaar. Hij wenst jou een lang gelukkig leven, Nog minstens, minstens…. Vijftig jaar – ‘T is echt waar !

Belangstelling?
Meer weten?
Op de hoogte worden gehouden?

over de theater-voorstellingen,
een opdracht voor een speciaal optreden,
voor een lied, een act, ...
en de kosten daarvoor?